MOZOM-analyse
EU Inc.: geeft Brussel bedrijven een route langs nationale werknemersregels?

- Bron
- Europese Commissie, Raad van de EU, Europees Parlement, ETUC en Duitse Sociale Verzekering
- MOZOM-kop
- EU Inc.: geeft Brussel bedrijven een route langs nationale werknemersregels?
- Auteur
- de redactie
- Datum
- 2026-10-27
Samenvatting origineel bericht
De Raad van de Europese Unie nam op 23 oktober 2026 zijn onderhandelingspositie aan over EU Inc., een vrijwillige 28ste ondernemingsvorm naast de 27 nationale stelsels. Het voorstel moet grensoverschrijdend ondernemen eenvoudiger maken met digitale registratie binnen 48 uur, een kostenplafond van 100 euro, een digitaal aandelenregister en vereenvoudigde procedures voor onder meer aandelenopties en bedrijfsbeëindiging. De regeling is nog geen geldend recht: het Europees Parlement moet zijn positie vaststellen en daarna volgen onderhandelingen over de definitieve tekst. De economische aanleiding is serieus. Europese start-ups en groeibedrijven krijgen bij uitbreiding te maken met verschillende vennootschapsregels, registers en procedures. De Europese Commissie schat dat de gekozen combinatie van maatregelen over tien jaar 328 tot 440 miljoen euro aan administratieve lasten kan besparen voor naar schatting 308.000 EU Inc.-bedrijven. Dat is een modelraming, geen reeds gemeten besparing. Het twistpunt zit bij werknemersmedezeggenschap. Volgens de positie van de Raad volgt een EU Inc. in beginsel de regels van de lidstaat waar de statutaire zetel staat. Wanneer de onderneming in een ander land werknemersdrempels voor medezeggenschap overschrijdt, kunnen lidstaten een aanvullend mechanisme gebruiken. De Raad omschrijft dat mechanisme echter als optioneel en geeft ondernemingen flexibiliteit bij de naleving. Vakbondskoepel ETUC vreest daarom dat grotere bedrijven activiteiten over entiteiten kunnen verdelen of een zetelland met zwakkere medezeggenschapsregels kunnen kiezen.
EU Inc.: officiële belofte, juridische werking en open risico
De tabel onderscheidt wat in de openbare voorstellen en de Raadspositie staat van gevolgen die nog niet empirisch kunnen worden vastgesteld.
| Onderdeel | Officiële voorstelling | Wat de regeling doet | Kritische maar juridisch voorzichtige conclusie |
|---|---|---|---|
| Oprichting | Volledig digitaal, binnen 48 uur en voor maximaal €100. | Een gemeenschappelijk registratieproces verlaagt tijd en kosten; preventieve controles blijven mogelijk. | Een snelle oprichting is een aantoonbaar voordeel, maar snelheid vraagt voldoende controle op bestuurders, eigendom en misbruik. |
| 28ste regime | Een vrijwillig Europees alternatief naast 27 nationale ondernemingsvormen. | Bedrijven hoeven de nationale vormen niet te verlaten, maar krijgen een extra keuze die in alle lidstaten wordt erkend. | Meer keuze kan fragmentatie verminderen, maar maakt de keuze van zetelland en toepasselijke aanvullende regels strategisch belangrijker. |
| Werknemersmedezeggenschap | De regels van het land van de statutaire zetel zijn in beginsel van toepassing. | De bescherming kan daardoor verschillen naargelang een onderneming haar zetel in een lidstaat met sterke of beperkte bestuursmedezeggenschap plaatst. | Dit is een reëel regelshoppingrisico; het bewijst nog niet dat een concreet bedrijf werknemersrechten zal omzeilen. |
| Werknemers in andere lidstaten | De Raadspositie bevat een mechanisme wanneer elders nationale drempels voor medezeggenschap worden overschreden. | Volgens de Raad is toepassing door lidstaten optioneel en krijgen bedrijven flexibiliteit bij naleving. | De bescherming is daardoor niet vanzelf overal gelijk. De definitieve wet moet bepalen hoe sterk het vangnet werkelijk wordt. |
| Individuele arbeidsrechten | EU Inc. is vennootschapsrecht en schaft arbeidscontracten, minimumrechten of sociale zekerheid niet af. | Verplichte werknemersbescherming blijft onder bestaande Europese en nationale regels vallen. | De kernkritiek gaat vooral over collectieve informatie, raadpleging en vertegenwoordiging in het bestuur, niet over het volledig verdwijnen van arbeidsrecht. |
| Misbruikcontrole | Lidstaten kunnen registratie weigeren bij witwassen, terrorismefinanciering of andere criminaliteit. | Deze controles richten zich vooral op integriteit en criminaliteit en lossen het medezeggenschapsvraagstuk niet automatisch op. | Een antiwitwascontrole en een controle op sociale regelshopping zijn juridisch verschillende waarborgen. |
| Status | De Raad heeft zijn onderhandelingspositie vastgesteld. | Het Europees Parlement heeft nog geen definitieve positie aangenomen; daarna volgen onderhandelingen. | EU Inc. kan nog veranderen en bedrijven kunnen zich op basis van dit Raadsbesluit nog niet als EU Inc. registreren. |
Eigen brononderzoek: waar zit de ruimte voor regelshopping?
MOZOM vergeleek het Commissievoorstel, de effectbeoordeling, de eerdere resolutie van het Europees Parlement, de nieuwe positie van de Raad en de kritiek van werknemersorganisaties. Daaruit volgt een belangrijk onderscheid. De EU harmoniseert een deel van het vennootschapsrecht, maar niet alle arbeids-, belasting- en socialezekerheidsregels. Daardoor blijft het land van registratie gevolgen houden. De Commissie schreef zelf dat het noodzakelijk is misbruik van de nieuwe vorm te voorkomen wanneer daarmee werknemers medezeggenschapsrechten worden ontnomen. In de openbare samenvatting van de Raadspositie staat vervolgens dat het aanvullende mechanisme bij grensoverschrijdende drempels optioneel is voor lidstaten. Juist tussen die twee punten zit het politieke geschil: iedereen zegt omzeiling te willen voorkomen, maar er is nog geen overeenstemming over een overal verplichte bescherming. Het Europees Parlement stelde eerder een sterker vangnet voor. Wanneer een EU Inc. werknemers in een andere lidstaat heeft zonder daar een afzonderlijke onderneming op te richten, zouden de medezeggenschapsregels van de werkstaat moeten gelden als die sterker zijn dan die van het zetelland. De uiteindelijke parlementaire onderhandelingspositie moet nog blijken. Daarom is het te vroeg om te schrijven dat Brussel bedrijven definitief toestemming geeft regels te ontlopen; het is wel juist dat de huidige Raadspositie daarvoor volgens vakbonden onvoldoende barrières bevat.
Vereenvoudiging voor het bedrijf, complexiteit voor de werknemer
De woorden 'één markt', '48 uur' en 'maximaal 100 euro' maken het voorstel tastbaar en aantrekkelijk. De sociale gevolgen zijn technischer: statutaire zetel, drempelwaarden, bestuursmedezeggenschap en optionele nalevingsmechanismen. Daardoor krijgt het snelle voordeel gemakkelijk de voorpagina, terwijl de verdeling van zeggenschap in voetnoten en onderhandeldocumenten belandt. Ook de term 'innovatieve bedrijven' stuurt het beeld. De Commissie motiveert de regeling vooral met start-ups en scale-ups, maar de discussie gaat over een ondernemingsvorm die breder kan worden gebruikt. De Raad beperkt de Europese aandelenoptieregeling wel tot kleinere midcaps met maximaal 750 werknemers en 150 miljoen euro jaaromzet. Dat betekent niet automatisch dat ieder onderdeel van EU Inc. uitsluitend voor kleine start-ups geldt. De kritische vraag is daarom niet of administratieve vereenvoudiging wenselijk is, maar waarom een gemeenschappelijke Europese ondernemingsvorm niet tegelijk één afdwingbare minimumbescherming voor grensoverschrijdende werknemersmedezeggenschap krijgt.
Waarom de statutaire zetel zoveel uitmaakt
Europese lidstaten kennen sterk uiteenlopende modellen. In sommige landen krijgen werknemers bij grotere ondernemingen vertegenwoordigers in toezichthoudende of bestuurlijke organen; elders bestaat die vorm nauwelijks. Wanneer een Europese rechtsvorm het zetelland als uitgangspunt neemt, is de keuze van dat land dus niet alleen administratief. Zij kan mede bepalen hoeveel institutionele invloed werknemers krijgen. Dat verschijnsel heet vaak forumshopping of regelshopping: een onderneming kiest binnen de toegestane juridische mogelijkheden het stelsel dat het beste bij haar belangen past. Regelshopping is niet per definitie illegaal. Het wordt maatschappelijk problematisch wanneer economische activiteit en personeel zich vooral in het ene land bevinden, terwijl de formele zetel in een ander land wordt gebruikt om sterkere beschermingsregels te vermijden. De oplossing hoeft de nieuwe ondernemingsvorm niet onmogelijk te maken. Mogelijke waarborgen zijn een werkelijke economische band met het zetelland, een verplichte grensoverschrijdende drempeltoets, behoud van reeds verworven medezeggenschapsrechten en concernbrede telling van werknemers. Welke waarborgen de definitieve verordening krijgt, is precies de inzet van de komende onderhandelingen.
Mogelijke boodschap achter het nieuws
Europa wil bedrijven een snelle gemeenschappelijke voordeur geven. Zonder een even gemeenschappelijk sociaal slot kan die voordeur echter ook uitkomen bij het nationale stelsel met de minste werknemersinvloed.
Neutrale conclusie
EU Inc. is geen geheime vrijbrief waarmee ondernemingen alle nationale wetten kunnen negeren. Het voorstel kan echte administratieve barrières wegnemen en Europese groei bevorderen. Belastingen, individuele arbeidsrechten, sociale zekerheid en sectorspecifieke regels verdwijnen niet automatisch. Toch is de zorg over regelshopping inhoudelijk serieus. De Raadspositie koppelt werknemersmedezeggenschap in beginsel aan de statutaire zetel en maakt het aanvullende grensoverschrijdende mechanisme optioneel voor lidstaten. Daardoor kan de keuze van het vestigingsland niet alleen door efficiëntie, maar ook door het gewenste niveau van werknemersinvloed worden bepaald. De juridisch houdbare conclusie is daarom dat Brussel bedrijven nog niet bewezen toestemming geeft werknemersregels te ontlopen, maar dat de huidige constructie daarvoor volgens vakbonden en arbeidsrechtelijke critici onvoldoende harde barrières bevat. De beslissende toets komt in de definitieve wet: wordt de bescherming concernbreed en verplicht, of blijft zij afhankelijk van het land waar de onderneming haar formele zetel neerzet? Wat dit nog niet bewijst: dat EU Inc. definitief in deze vorm wordt aangenomen, dat bedrijven de regeling massaal zullen misbruiken of dat werknemers hun bestaande individuele rechten verliezen. Wel staat vast dat het risico op forumshopping onderdeel is van het politieke en juridische debat en niet als louter angstbeeld kan worden afgedaan.
Bron:
- Raad van de EU: onderhandelingspositie over EU Inc., 23 oktober 2026
- EUR-Lex: Commissievoorstel COM(2026) 321 voor EU Inc.
- EUR-Lex: samenvatting van de effectbeoordeling SWD(2026) 322
- Europees Parlement: uitleg over het 28ste regime EU Inc.
- Europees Parlement: resolutie met voorgestelde waarborgen voor werknemersmedezeggenschap
- ETUC: kritiek op de Raadspositie en risico op ontwijking van arbeidsregels
- Duitse Sociale Verzekering: debat over medezeggenschap binnen het 28ste regime